Voor de spiegel gaat het vaak mis op precies hetzelfde punt: de streep onder je jukbeen ziet er in de badkamer nog prima uit, maar in daglicht ineens hard of vlekkerig. Contouren hoeft gelukkig niet ingewikkeld te zijn. Als je de juiste tint kiest, rustig opbouwt en goed blendt, krijg je meer definitie zonder dat je gezicht “gemaakt” oogt.
Het idee achter deze make-uptechniek is simpel. Met een matte, iets donkerdere kleur boots je schaduw na. Met een lichtere of glanzende tint laat je delen van je gezicht meer licht vangen. Zo kun je je jukbeenderen wat meer laten spreken, je kaaklijn optisch strakker laten lijken of je neus subtiel smaller laten ogen. Je verandert je gezicht niet, je speelt alleen met licht en diepte.
Wat je nodig hebt
Houd het in het begin overzichtelijk. Dit werkt het prettigst:
- een milde reiniger
- dagcrème die bij je huidtype past
- eventueel een primer
- foundation of skin tint
- contourproduct in poeder, crème of stick
- een kwast of vochtige make-upspons
- eventueel concealer of highlighter
- blush
- setting spray of een klein beetje poeder
Een contourstick is voor veel beginners handig, omdat je precies ziet waar je het product neerzet. Poeder werkt vaak fijn bij een vettere huid. Een crème of stick smelt meestal mooier samen met een drogere huid of huid met fijne lijntjes.
Gebruik je voor het eerst een nieuw product, doe dan eerst een patch test. Breng een klein beetje aan langs je kaak of achter je oor en wacht 24 uur. Zeker bij een gevoelige huid is dat slim.
Welke kleur contour kies je?
Hier gaat het vaak fout. Een kleur die te warm of te donker is, oogt snel oranje of zwaar. Voor schaduw werkt meestal een koele of neutrale tint beter dan een warme bronzer.
Houd als richtlijn aan: kies een kleur die 1 tot 2 tinten donkerder is dan je eigen huid. Hooguit 3 tinten, maar alleen als je heel licht werkt en goed blendt.
Globaal kun je hieraan denken:
- lichte huid: taupe of zacht koelbruin
- medium huid: neutraal tot koel middenbruin
- donkere huid: diepbruin met een neutrale of koele ondertoon
Een matte finish is het meest geschikt. Shimmer past beter bij bronzer of highlighter dan bij schaduw.
Bronzer, contour en highlighter: het verschil
Deze producten worden vaak door elkaar gehaald, maar ze doen niet hetzelfde.
Contour gebruik je om schaduw na te bootsen. De kleur is daarom matter en minder warm.
Bronzer geeft warmte en een zongebruind effect. Die zet je meestal op plekken waar de zon van nature valt, zoals slapen, bovenkant van de wangen en neus.
Highlighter vangt licht. Dat kan een glansproduct zijn, maar ook een matte, lichtere concealer.
Wil je een natuurlijke look, dan heb je niet per se alle drie nodig. Met alleen contour en een beetje blush kom je al ver.
Zo bereid je je huid voor
Een mooie basis maakt blenden veel makkelijker.
Reinig je gezicht eerst en breng daarna een dunne laag dagcrème aan. Wacht 2 tot 5 minuten tot die is ingetrokken. Gebruik daarna eventueel een primer als je make-up snel vervaagt of als je grove poriën hebt.
Breng vervolgens foundation of een skin tint aan in een dunne laag. Werk die uit vanaf het midden van je gezicht naar buiten. Je huid hoeft niet volledig dekkend te zijn. Een egale basis is genoeg.
Laat vloeibare producten heel even zetten voordat je verdergaat. Ongeveer 30 tot 60 seconden is vaak al prima.

Contour aanbrengen: stap voor stap
Rustig werken geeft het mooiste resultaat. Zet liever eerst weinig neer en bouw op als dat nodig is.
Onder de jukbeenderen
Zoek je jukbeen door met je vingers vanaf je oor naar voren te voelen. De contour komt net onder dat bot, niet midden op je wang.
Zet 2 tot 3 kleine streepjes of stipjes vanaf ongeveer twee vingers naast je mondhoek richting het oor. Trek de lijn niet te ver naar binnen. Stop ongeveer onder het buitenste deel van je iris als je recht vooruit kijkt. Zo blijft het effect liftend.
Blend daarna omhoog en iets naar buiten. Niet omlaag, want dan kan je gezicht zwaarder lijken.
Langs de haarlijn en slapen
Wil je wat meer vorm bij je voorhoofd of slapen, zet dan een kleine hoeveelheid product langs de haarlijn. Vooral bij de slapen werkt dit mooi.
Gebruik weinig. Eén dunne veeg per kant is vaak genoeg. Blend goed in de haarlijn zodat je geen kleurverschil ziet.
Onder de kaaklijn
Kijk recht in de spiegel en til je kin een klein beetje op. Zet een dunne lijn contour net onder de kaak, van ongeveer onder het oor naar halverwege de kaaklijn.
Blend naar beneden, richting je hals. Zo blijft de schaduw onder de kaak zitten en voorkom je een zichtbare streep op je gezicht.
Langs de neus
Neuscontour is het deel waar snel te veel gebeurt. Houd het dus klein.
Zet met een klein kwastje of de punt van een stick twee dunne lijntjes langs de zijkanten van de neusbrug. Begin bij de binnenkant van je wenkbrauwen en werk naar beneden. Houd de lijnen dicht bij elkaar als je je neus smaller wilt laten lijken.
Wil je de neus korter laten ogen, zet dan een klein beetje contour onder het puntje. Blend heel zacht uit. Hier is echt weinig product genoeg.
Blenden zonder strepen
Dit is de stap die het verschil maakt tussen subtiel en zichtbaar aangezet.
Gebruik voor crème een dichte kwast of vochtige spons. Voor poeder werkt een zachte, schuin afgesneden kwast fijn. Maak kleine vegende en deppende bewegingen. Druk niet te hard, anders veeg je je basis weg.
Voor de wangen werk je vooral omhoog. Bij de kaak blend je naar beneden. Op de neus maak je korte, kleine bewegingen zodat de lijnen zacht worden maar niet verdwijnen.
Zie je nog een harde rand? Ga er dan met de restjes foundation op je spons of kwast overheen. Dat verzacht de overgang meteen.
Licht terugbrengen op de juiste plekken
Na schaduw komt licht. Daardoor krijgt je gezicht meer dimensie.
Breng een klein beetje highlighter of een lichtere concealer aan op:
- de bovenkant van je jukbeenderen
- het midden van de neusbrug
- de cupidoboog
- eventueel een klein beetje op het midden van het voorhoofd
- eventueel een tikje op het midden van de kin
Heb je textuur, grove poriën of puistjes op je wangen, wees dan voorzichtig met glanzende highlighter. Glans kan die plekjes extra benadrukken. Een matte, lichtere concealer geeft dan vaak een mooier resultaat.
Blush en fixeren
Blush maakt de look vaak zachter en frisser. Zet die net boven of deels over de rand van je contour, niet te laag op de wang. Zo vloeien de kleuren mooier samen.
Gebruik 1 tot 2 tikjes crèmeblush of een lichte draai met je poederkwast. Werk uit richting je slapen.
Fixeer daarna met setting spray op ongeveer 20 tot 30 centimeter afstand. Twee tot vier spraytjes zijn meestal genoeg. Heb je een vettere huid, dan kun je eerst nog heel licht poeder aanbrengen op je T-zone.

Pas je plaatsing aan op je gezichtsvorm
Er is geen kaart die voor iedereen werkt. Kijk vooral naar je eigen botstructuur.
Rond gezicht
Zet de schaduw iets hoger onder de jukbeenderen en werk bij de slapen. Dat kan meer lengte en definitie geven.
Langwerpig gezicht
Houd de contour op de wangen wat horizontaler. Een klein beetje langs de bovenkant van het voorhoofd en onder de kin kan de lengte optisch verzachten.
Vierkant of hoekig gezicht
Werk zacht langs de slapen en kaaklijn om de hoeken wat milder te laten ogen.
Hartvormig gezicht
Een beetje contour langs de zijkanten van het voorhoofd en licht onder de jukbeenderen brengt vaak balans.
Twijfel je? Begin dan alleen bij de jukbeenderen. Dat is de makkelijkste plek om de techniek te leren.
Veelgemaakte fouten
Te donkere kleur
Daardoor oogt de schaduw snel zwaar. Kies liever een tint die dicht bij je eigen huid ligt. Je kunt altijd opbouwen.
Te veel product in één keer
Een dikke streep is lastig mooi uit te blenden. Zet liever stipjes of korte veegjes.
Verkeerde plek
Contour die te laag op de wang zit, kan je gezicht naar beneden trekken. Houd de plaatsing hoger en werk richting het oor.
Te warme tint gebruiken
Dan krijg je eerder een bronzed effect dan echte definitie. Prima als dat je doel is, maar het is iets anders dan contour.
Niet controleren in daglicht
Wat in kunstlicht zacht lijkt, kan buiten veel harder ogen. Kijk na het aanbrengen even bij een raam.
Wat kun je realistisch verwachten?
Het effect zie je direct nadat je klaar bent met aanbrengen en blenden. Je gezicht kan meer diepte krijgen, je jukbeenderen kunnen sterker uitkomen en je kaaklijn kan net wat strakker lijken. Maar verwacht geen compleet ander gezicht. Juist een subtiele aanpak ziet er meestal het mooist uit.
Heb je last van aanhoudende acne, eczeem, plotselinge huidirritatie of onverklaarbare haaruitval rond de haarlijn, ga dan niet eindeloos producten testen. Bespreek dat met je huisarts of een dermatoloog.
Als je net begint
Maak het jezelf makkelijk. Gebruik één matte contourkleur en oefen eerst alleen onder je jukbeenderen. Zet weinig neer, blend uit en bekijk het resultaat in daglicht. Pas daarna voeg je eventueel de slapen, kaaklijn of neus toe.
Zo leer je sneller wat bij jouw gezicht werkt, zonder dat het te veel wordt.
FAQ
Wat is het verschil tussen bronzer en contour?
Contour maakt schaduw en definitie. Bronzer geeft warmte en een zongebruind effect. Voor contour kies je meestal een matte, koelere tint.
Welke kleur contour past het best?
Neem een kleur die 1 tot 2 tinten donkerder is dan je huid, met een koele of neutrale ondertoon. Zo oogt de schaduw natuurlijker.
Waar breng je contour aan?
Meestal onder de jukbeenderen, langs de slapen of haarlijn, onder de kaaklijn en eventueel langs de neus. Je hoeft niet al deze plekken tegelijk te doen.
Hoe blend je contour mooi uit?
Gebruik een kwast of vochtige spons en werk in kleine bewegingen. Blend op de wangen omhoog, bij de kaak naar beneden en op de neus heel zacht en precies.
Is contouren geschikt voor beginners?
Ja. Begin met weinig product en oefen eerst op één plek, bijvoorbeeld onder je jukbeenderen. Een stick of zacht poeder is vaak het makkelijkst om mee te starten.



